Is ons heelal het enige?

” Is ons heelal het enige? Of is het er slechts eentje in een enorme verzameling van parallelle universa? En stel dat het er meer zijn, waar houden al die geheimzinnige soortgenoten van ons heelal zich dan schuil?”

  • Bovenstaande is een citaat uit het boek: Het multiversum van Ans Hekkenberg, redacteur van New Scientist.nl (wetenschapsjournalist)

L.M.A. Knops / Het Heelal:

Dit is een onderwerp uit de theoretische fysica (theoretische natuurkunde). Een tot de verbeelding sprekend onderwerp, maar dus wel theoretisch. Want we zijn nog niet in staat om hier een duidelijke natuurkundig (exact wetenschappelijk) bewijs voor te leveren. Wel is het zo dat de theorieën die er zijn absoluut in deze richting wijzen: meerdere dimensies, dus eventueel ook de mogelijkheid van meerdere universums.

Bovenstaande afbeelding is een voorstelling van hoe het zou kunnen zijn: onderaan de ‘bal’ de oorsprong/oerknal, waarna het heelal uitdijt zoals we weten van ons ‘eigen’ heelal. Maar het zou dus kunnen zijn dat er vanuit die oorsprong/oerknal meerdere universums (heelallen) zijn ontstaan. Die naast elkaar bestaan. Maar in een andere dimensie zitten dan ons heelal. (en wij kunnen niet uit onze dimensie stappen, we zien niet ver genoeg: lees het interview met Ans Hekkenberg)

Een andere voorstelling ter illustratie: wij zijn de vis in de vissenkom. Onze wereld. En zien niet verder en komen niet verder dan het wateroppervlak. Maar buiten dat wateroppervlak is er meer…..

Er zijn verschillende wetenschappelijke theorieën die het idee van een multiversum als idee/hypothese in zich hebben:

“‘

Uit het boek: Zo kun je uit de kansrekening afleiden dat iedereen, in een oneindig groot heelal, oneindig veel dubbelgangers heeft. En uit de vreemde wetten van de quantummechanica volgt dat de werkelijkheid zich met elke keuze die je maakt opsplitst. En dan hebben we ook nog de snaartheorie welke zegt dat er talloze andere dimensies zijn, waar de natuurwetten ook nog heel anders zijn dan “bij ons”: van de allesomvattende oerknal tot het moeras van de snaartheorie zelf. Het is in feite over de grenzen van onze werkelijkheid heen kijken .

“”

(Ik heb dit artikel opgenomen op deze website omdat het een veel besproken onderwerp is in de theoretische natuurkunde, – zie ook bijvoorbeeld: dit artikel – nogmaals een onderwerp, omdat er ook filosofische aspecten zouden kunnen meespelen. En filosofie past niet binnen de exacte wetenschap, tenminste als we ons beperken tot de astronomie).

Hieronder volgt een interview met Ans Hekkenberg.

Het Parool interviewde Ans Hekkenberg over haar boek:


Wat is het heelal eigenlijk?

‘Stel het je voor als een schilderdoek, waar alles zich op afspeelt. In de ruimte zweeft spul rond, zoals sterren en planeten. In werkelijkheid is dat gewone spul maar een fractie van wat er in de ruimte verstopt zit, zo’n 4 procent. De rest kunnen wij niet zien. Dat is 23 procent donkere materie **, zeg maar een aantrekker die ervoor zorgt dat de sterren die in een stelsel ronddraaien niet uit de bocht vliegen. En 73 procent donkere energie, de motor voor het uitdijen van het heelal.’

** donkere materie is momenteel onder natuurkundigen hevig aan discussie onderworpen, het gaat te ver en valt buiten de strekking van dit artikel om hier verder op in te gaan: L.M.A. Knops/Het Heelal.

Hoe meten we de afstand tussen de aarde en al die sterren?

‘Daar zijn verschillende manieren voor. Van sommige sterren weet je bijvoorbeeld hoe helder ze stralen, omdat je het type ster goed kent. Maar hoe helder wij ze daadwerkelijk aan de hemel zien, is afhankelijk van hoe ver de ster van de aarde verwijderd is. Hoe verder weg, hoe zwakker de ster. Je vergelijkt dus de oorspronkelijke helderheid van de ster met wat we waarnemen en kunt daaruit de afstand afleiden.’

Dooft het licht van een ster op een gegeven moment niet uit? Mijn fietslampje zie je aan het andere eind van de Weteringschans ook niet meer oplichten?

‘Ja, ook sterren zie je minder goed wanneer ze verder weg staan. Maar op de Weteringschans neemt het schijnsel van je lampje wel veel, veel sneller af. Daar zijn mist, regen en lucht die het licht verstrooien. In het heelal is er eindeloos niets van dat al.’

Hoe weet u dat het heelal uitdijt? 

‘We zien dat de sterrenstelsels om ons heen in de duisternis verdwijnen. Ze gaan alle kanten uit, boven, onder, links en rechts. De afstanden met de aarde worden groter, dus dijt het heelal uit.’

Nu die duizelingwekkende stap naar meerdere heelallen.

‘In mijn boek beschrijf ik een aantal natuurkundige theorieën die stuk voor stuk, langs verschillende denkwegen tot de conclusie komen dat er meer is, buiten ons heelal. Een voorbeeld: we kunnen maar kijken zolang er licht is en zo ver het draagt. Dat is momenteel 93 miljard lichtjaar. Behoorlijk ver. Maar daarbuiten is nog méér ruimte. Ik verwacht er tenminste geen bordje ‘einde heelal’ op die plek. Die ruimte, dat kun je zien als een ander heelal. Alleen kun je met dat andere heelal niet corresponderen. Zelfs als je een brief verstuurt die met de lichtsnelheid reist, zal die daar nooit arriveren.

Een andere theorie gaat ervan uit dat het heelal kort na zijn geboorte explosief snel groeide. Die snelle groei stopte, en vormde ons heelal. Maar het zou kunnen dat de groei elders is doorgegaan, en daar later nóg een heelal heeft gemaakt.’

Hoe staat het met buitenaardse wezens? En met eventuele andere Anzen Hekkenberg?

‘De ontwikkelingen gaan snel. Ik verwacht dat we binnen twintig jaar ander leven zullen ontdekken in de ruimte. En die andere Anzen bestaan ook. Als er meerdere heelallen zijn, met oneindig veel ruimte en planeten, dan is de kans dat op een van die planeten een stukje materie loopt, dat gelijk is aan deze Ans Hekkenberg, volop aanwezig. Het is niet waarschijnlijk dat er maar één Ans is, er zijn vast meer Anzen, out there.’


  • Bron: New Scientist.
  • Het artikel-interview verscheen op 4 augustus 2021 in Het Parool.

* dit artikel is bijgewerkt op 9 december 2021. (Het Heelal)

Geef een reactie

Scroll naar top
%d bloggers liken dit: